De kerstpudding, een voorproefje uit het nieuwe boek van Hanneke Simons
Hey, lieve lezer van Mel’s Day, Vandaag krijg je een voorproefje uit het boek De kwestie Sofie van Hanneke Simons. Dit boek verschijnt pas in 2026, maar de preview past enorm goed bij de 24 dagen tot kerst blogs!
Maar voordat ik jullie mee neem naar de preview stukje stel ik Hanneke eerst even aan je voor.

Hanneke Simons
Hanneke Simons schrijft sinds de dag dat ze leerde hoe het moet. Na verschillende korte verhalen bracht ze het boek Witte muren uit. Inmiddels heeft Hanneke meerdere boeken op haar naam staan en is ze een vertrouwd gezicht bij Godijn publishing. Zo is ze de drijvende kracht achter het nieuwe ambassadeurs team! Daarnaast vind ik Hanneke gewoon heel erg gezellig en is het altijd superleuk als ik haar weer tegenkom op een boekenevenement. De kerstpudding is een kleine preview uit haar nieuwe boek die in 2026 uit komt. Wil je die publicatie nu niet missen zorg dan dat je Hanneke even volgt op Instagram, daar geeft ze trouwens ook hele leuke boekentips.
De kerstpudding
In de keuken stond het dessert al klaar, de grote trots van Ingers moeder. Een ring van melkachtige gelatine waarin gekleurde stukjes fruit zich uit de ondoorzichtigheid worstelden. Ze versierde het altijd met stukjes hulst en ik had het idee dat ze mij expres het stuk gaf waar de uiteindes van de takken hun bitter sap nog hadden gelekt. Misschien was het een weinig subtiele poging me te vergiftigen. Het zou mijn moeder in ieder geval de moeite besparen me voor tweede kerstdag te tolereren.
Ik had zin om hem te slaan. En dat deed ik. Ik had totaal geen zin in deze avond en de pudding moest het ontgelden. Ik stak mijn hand uit en gaf het ding een pets. Weinig onder de indruk van mijn kribbige bui drilde het wat heen en weer voor het wederom tot ongeïnteresseerde stilstand kwam.
In de woonkamer was de kerstplaat al aangezet en ik hoorde de luide stem van Ingers opa, die volgens haar ieder jaar opnieuw het verhaal vertelde over hoe hij destijds in de oorlog voor zijn kinderen geprobeerd had een goede kerst te maken met het laatste konijn. Dat verhaal eindigde altijd hetzelfde; de jeugd van tegenwoordig wist niet meer hoe dankbaar ze mochten zijn voor wat ze hadden.
Inger had me verteld dat het kerstdiner ieder jaar bij hen thuis was, omdat zij het grootste huis hadden. Haar moeder vroeg anderen nooit om haar te helpen en sloofde zich dagen uit om het kerstdiner voor de hele familie klaar te maken. Haar man, Ingers vader, had drie broers en twee zussen en zij op hun beurt samen weer veertien kinderen. Sommigen kwamen niet meer en vierden met hun eigen gezinnen kerstmis, maar de eetkamertafel zat nog steeds verschrikkelijk vol en ik wist niet hoe ik deze avond door had moeten komen. Zo veel liever had ik bij Jan en Beth in de caravan gelegen en in halfstonede staat kerstliedjes geneuried.
Morgen zou hetzelfde riedeltje zich bij mij thuis afspelen en zou ik mezelf vervloeken dat ik niet gewoon nee had gezegd. Het liet me hoe dan ook des te meer waarderen dat Inger niet kon koken.
Ik durf te wedden dat ze zelfs niet in staat was tot een pudding.
Het liefst wilde ik het ding in een klap van het bordje slaan zodat het tegen de muur in glibberige brokken uiteen zou spatten. Dat deed het niet. Dus gaf ik het nog een pets en was de keuken al uit voordat de pudding uitgebibberd was.
De maaltijd was even droog als het gesprek en gezelschap, maar ik sloeg me erdoorheen. Soms lukte het me zelfs de ruzie met Inger van eerder die dag even te vergeten. Ik had het idee dat we vanavond terug naar huis konden en het naast ons neer zouden leggen. We hadden al zo veel stomme akkefietjes overwonnen, deze moest ook lukken. Maar ik had me in haar vergist.
‘Papa, mama, we hebben jullie wat te vertellen.’
Niet alleen papa en mama maar ook de rest van de familie keek verwachtingsvol op. Niet van het blije soort, laat ik je dat alvast vertellen. Je kon op dat moment een speld horen vallen, alle geluiden vielen stil. Geen geschraap meer van bestek op borden en een poging tot beschaafd kauwen van de droge hazenpeper. Mijn verschrikte blik werd aangevuld met een verbaasde en achterdochtige blik van haar ouders. Dat was het woord dat ik zocht. Ze waren niet verwachtingsvol, ze waren achterdochtig.
Ik was dat ook. Wat hadden wij in hemelsnaam te vertellen? Was ze zwanger? Nee, dat kon niet. Nee, toch? Haar ouders zouden het haar dat kwalijk nemen. Mij des te meer, maar dat zou haar waarschijnlijk weinig kunnen schelen. Ze had een mooie plek in het nieuwe appartementencomplex in gedachten en zou niet snel iets doen wat dat zou riskeren.
Zou ze aankondigen dat we gingen trouwen? Dat was prima, daar kon ik onderuit komen zonder dat er ergens een kind rondliep waarvan ik me altijd af zou vragen of het werkelijk van mij was.
Het bleek geen van beiden te zijn. Het moment dat de woorden haar mond verlieten, wist ik dat het nooit meer goed zou komen tussen ons. Geen weg naar huis zou ooit lang genoeg zijn om haar dit te vergeven.
‘We gaan uit elkaar. Joost heeft een ander.’
Ik hoop dat jullie genoten hebben van deze preview!
Liefs, Melanie
